Suikerbieten 'Sukkerbyten'
Zolang de mens bestaat is hij op zoek naar zoetigheid. Suiker en zoetstof waren in de Oudheid zeer gezochte en gewilde artikelen. Honing is daar een voorbeeld van. Suikerriet was al voor onze jaartelling bekend. Keizer Napoleon stimuleerde de teelt van suikerbieten, nadat ene Marggraf ontdekt had dat bieten dezelfde suiker vormden als rietsuiker. Vóór de ontwikkeling van de suikerbiet kende men al de snijbiet, de rode biet en de voederbiet.
Al deze variëteiten zijn ontstaan uit de wilde biet, welke voorkomt langs de kusten van de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan. De moderne, hedendaagse suikerbietrassen zijn gekweekt en ontwikkeld uit voederbieten. In 1802 werd de eerste suikerfabriek gebouwd in Cuzen (Siberië). De suikerbiet heeft omstreeks 1890 haar intree op het Bildt gemaakt. De eerste suikerbieten hadden 5,7 % suiker, tegenwoordig ± 16 %. Er worden tegenwoordig tientallen producten uit bietsuiker gefabriceerd. De restanten worden verwerkt tot veevoer, o.a. pulp. Het loof van de suikerbieten diende als veevoer. Tegenwoordig wordt het verhakseld en ondergeploegd. De bruto opbrengst van een ha suikerbieten bedraagt 60.000 tot 70.000 kg. Suikerbieten zijn, financieel gezien, na pootaardappeien het belangrijkste gewas op het Bildt.